Zelf banden wisselen is makkelijker dan het lijkt, zeker als je weet hoe je het aanpakt. Met de juiste voorbereiding en een paar praktische banden wisselen tips ben je meestal binnen een halfuur klaar. In dit artikel lees je precies hoe je te werk gaat, wat je nodig hebt en waar je op moet letten.
Wat heb je nodig voordat je begint?
Goede voorbereiding scheelt veel gedoe. Zorg dat je het volgende bij de hand hebt voordat je begint:
- Een reservewiel of de wielen met het andere seizoensband
- Een krik die sterk genoeg is voor je auto
- Een wielsleutel of kruissleutel
- Wielblokken of een steen om de auto te blokkeren
- Een torquesleutel om de bouten na te draaien op het juiste aanhaalmangent
Heb je geen torquesleutel? Dan is het slim om na het wisselen even langs de garage te rijden om de bouten te laten controleren. De juiste aanhaalwaarde staat in het instructieboekje van je auto.
De juiste plek en positie van de auto
Parkeer de auto op een vlakke, stevige ondergrond. Asfalt of beton werkt het beste. Zet de handrem aan en schakel de versnelling in de eerste versnelling. Rijdt je een automaat, zet dan de versnellingspook op P. Leg de wielblokken achter de wielen die op de grond blijven, zodat de auto niet kan wegrollen terwijl jij bezig bent.
Stap voor stap banden wisselen
Volg deze stappen voor een veilig en goed resultaat:
- Verwijder de wieldop als die er op zit.
- Draai de wielmoeren alvast iets los terwijl het wiel nog op de grond staat. Zo kun je meer kracht zetten zonder dat het wiel meedraait.
- Plaats de krik op het juiste krikpunt. Dit punt staat in het instructieboekje van je auto. Gebruik nooit een verkeerd punt, want dat kan de auto beschadigen.
- Hef de auto op totdat het wiel een paar centimeter vrij van de grond hangt.
- Draai de moeren volledig los en bewaar ze op een veilige plek.
- Haal het oude wiel eraf en leg het opzij.
- Zet het nieuwe wiel op de velgbouten en draai de moeren handmatig aan in een kruispatroon.
- Laat de auto zakken tot het wiel weer op de grond staat.
- Draai de moeren stevig vast, opnieuw in een kruispatroon. Zo zit het wiel gelijkmatig vast.
Het kruispatroon is belangrijk. Als je de bouten om de beurt aantrekt die tegenover elkaar zitten, verdeel je de druk gelijk over het wiel. Zo zit het wiel recht en veilig.
Controleer na het wisselen altijd de bandenspanning
Wielen die een halfjaar opgeslagen hebben gestaan, verliezen vaak wat lucht. Controleer de bandenspanning van de net gemonteerde wielen altijd na het wisselen. De juiste spanning staat op een sticker in het portier of in het instructieboekje van je auto. Te weinig spanning is slecht voor het rijgedrag en het brandstofverbruik. Te veel spanning geeft een harder rijcomfort en minder grip.
Hoe sla je de oude banden goed op?
Banden die je niet gebruikt, wil je goed bewaren zodat ze zo min mogelijk slijten. Een paar praktische punten:
- Bewaar banden op een droge, donkere plek, weg van direct zonlicht.
- Leg banden liefst horizontaal op elkaar of hang ze aan een wandrek als ze nog op de velg zitten.
- Vermijd de buurt van olie, benzine of chemicaliën, want die tasten het rubber aan.
- Controleer voor opslag of er geen beschadigingen of scheuren in het rubber zitten.
Wanneer wissel je van zomerbanden naar winterbanden?
Een veelgebruikte vuistregel is: schakel over naar winterbanden als de temperatuur structureel onder de zeven graden Celsius daalt. Dat is in Nederland meestal ergens in oktober of november. In het voorjaar, als het ’s nachts niet meer vriest en de temperatuur overdag stabiel boven de zeven graden blijft, wissel je terug naar zomerbanden. Dit is meestal rond maart of april. Wacht niet tot de eerste vorst, want dan zijn de garages vaak al druk en de afspraakmogelijkheden beperkt.
Wanneer doe je het beter bij de garage?
Banden wisselen is prima zelf te doen als het gaat om het verwisselen van een compleet wiel, dus de band inclusief velg. Wil je alleen de band van de velg afhalen en een nieuwe band opzetten? Dan heb je een bandenmontageapparaat nodig. Dat hebben de meeste mensen niet thuis staan. In dat geval is de garage de betere keuze. Ook als je twijfelt over de staat van je banden, de profieldiepte of scheuren in het rubber, laat je dat beter even door een vakman bekijken.
Veelgestelde vragen
Hoe weet ik op welk punt ik de krik moet plaatsen?
Het krikpunt verschilt per auto. Je vindt de juiste plek altijd in het instructieboekje van je auto. Vaak is er ook een markering zichtbaar op de drempelrand van de auto zelf. Gebruik je een verkeerd punt, dan kan de bodem of de drempel van je auto beschadigen.
In welke volgorde draai ik de wielmoeren vast?
Draai de wielmoeren altijd in een kruispatroon vast. Begin met één bout, ga dan naar de bout die er schuin tegenover zit, en werk zo verder totdat alle bouten gelijkmatig vastzitten. Zo zit het wiel recht op de naaf en voorkom je dat het scheef komt te zitten.
Moet ik na het wisselen nog iets controleren?
Ja. Controleer na een paar kilometer rijden of alle bouten nog stevig vast zitten. Door het rijden kunnen ze iets zakken. Controleer ook de bandenspanning van de net gemonteerde banden, want banden die een tijdje hebben stilgestaan verliezen vaak wat lucht.
Hoe lang zijn banden nog goed als ze opgeslagen zijn geweest?
Banden die goed zijn opgeslagen, op een droge en donkere plek, gaan doorgaans meerdere jaren mee. Controleer altijd de staat van het rubber voor je ze weer monteert. Zijn er scheuren, vervormingen of is het rubber erg hard geworden? Dan is het verstandig om nieuwe banden te laten adviseren door een specialist.

Comments are closed.